Hertog van Brabant

De titel "Hertog van Brabant" werd binnen de Belgische dynastie voor het eerst verleend aan Prins Leopold, oudste zoon van Koning Leopold I. Door het toekennen van deze titel wou men de Prinsen van jongs af betrekken bij het nationaal gevoel en de herinneringen van het Vaderland.

Na de eedaflegging van Koning Albert I werd beslist dat de titel "Hertog van Brabant" voortaan gedragen zal worden door de Prins, oudste zoon van de Koning, en bij gemis van een zoon, door de Prins, oudste kleinzoon van de Koning. De titel zal deze van "Prins van België" voorafgaan.

Prins Leopold droeg deze titel tot hij in 1934 zijn vader als Koning Leopold III opvolgde. Nadien droeg Prins Boudewijn, oudste zoon van Koning Leopold III, deze titel tot zijn troonsbestijging in 1951.

Na de eedaflegging van Koning Albert II als zesde Koning der Belgen in 1993, verkreeg zijn oudste zoon Prins Filip de titel "Hertog van Brabant".

De titel verwijst niet naar de voormalige provincie Brabant, maar naar het hertogdom Brabant, het voornaamste gewest van de Habsburgse Nederlanden.