Kersttoespraak

  • 24/12/2005
Zie ook:
Thema:
Plaats:
Kersttoespraak van de Koning.
Belga

Dames en Heren,

Kerstmis en Nieuwjaar zijn voor vele families een traditionele gelegenheid om samen te komen in een ontspannen sfeer. Tezamen herinnert men zich de markante momenten van het afgelopen jaar en men wenst elkaar het allerbeste toe voor het komende.

Dat kan ook op ons land van toepassing zijn, temeer daar we nu 175 jaar België en 25 jaar federalisme hebben gevierd. De gezelligheid, de vrolijkheid en de goede verstandhouding die deze viering kenmerkten, hebben op mij indruk gemaakt.

Opgewekt humeur deed de volksfeesten rond 21 juli schitteren. Wie herinnert zich niet het feest "België danst", dat gelijktijdig in een tiental steden van het land werd georganiseerd. De Koningin en ikzelf hebben er, op de Grote Markt van Ieper, met plezier aan deelgenomen. Het gebeurt nog wel eens dat ik het deuntje neurie "ik hou van u, je t'aime, tu sais". Het concert gegeven aan de vooravond van onze nationale feestdag, op initiatief van de Muziekwedstrijd Koningin Elisabeth, was bijzonder geslaagd. De avond van 21 juli te Brussel met het schouwspel van die grote aak die langzaam de Kruidtuinlaan afdaalde is onvergetelijk.

Op het Paleizenplein hebben wij ook met genoegen, het nieuwe Bellevue Museum opengesteld. Het overschouwt de geschiedenis van België en wekt nu reeds de belangstelling van een talrijk publiek.

De tentoonstelling "Made in Belgium" herinnert ons aan grote momenten uit onze geschiedenis en aan de vele buitengewone talenten die in onze contreien tot ontplooiing kwamen.

Ook de economische wereld heeft op een zeer aantrekkelijke wijze de geschiedenis van ons land en van zijn economische en sociale evolutie geschetst.

Onze Federale wetenschappelijke en culturele instellingen hebben merkwaardige manifestaties georganiseerd en het Ministerie van Buitenlandse Zaken illustreerde het thema "175 jaar diplomatie in België " met een boeiende tentoonstelling.

Persoonlijk ben ik bijzonder getroffen geweest door de herdenking, in Stockholm en in Brussel, van de honderdste verjaardag van de geboorte van mijn moeder, Koningin Astrid.

Het feest van 26 november dat de viering 175-25 mocht besluiten vonden we heel fijn, inzonderheid het prachtige koor van 600 jonge zangers uit het ganse land.

Met genoegen hebben we ook deelgenomen aan elk van de feesten van onze Gemeenschappen en Gewesten. Het begon te Brussel in mei. Een concert van Jazzmuziek vond plaats op de Zavel waar we ook de gelegenheid hadden om verantwoordelijken te ontmoeten van organisaties die zich inzetten voor het algemeen welzijn, zoals het behoud van het milieu, het scheppen van banen, de vorming van jongeren door onderwijs, sport, en cultuur.

In juli hebben we het feest van de Vlaamse Gemeenschap bijgewoond te Heers, een landelijke gemeente in Zuid-Limburg. Wij hebben er kunstenaars ontmoet die hun werken in grote en prachtige boerderijen tentoonstelden. Dat originele samenbrengen van kunst en landelijkheid heeft ons uitermate geboeid.

Midden september gingen we naar Namen voor de Waalse Feesten. We hebben er een interessante didactische tentoonstelling over de geschiedenis van ons federalisme bezocht en hebben er meegeleefd met het volksfeest, en de vaardigheid van de steltenlopers bewonderd.

Eind september werd ook het feest van de Franstalige Gemeenschap gevierd te Luik, met een zeer gewaardeerde voorstelling van de Hogeschool voor Circuskunst.

En ten slotte kwam in november de Duitstalige Gemeenschap aan de beurt die haar mooie feestviering te Bütgenbach organiseerde.

Ter gelegenheid van die talrijke contacten met de bevolking heb ik aangevoeld hoezeer, niettegenstaande de hinderpalen, het verlangen naar "beter samenleven" reëel is. Het is een beetje alsof de Gemeenschappen en Gewesten, nu zij vergaande autonomie hebben verkregen, op een nieuwe wijze dichter bijeen zoeken te komen. Dat manifesteert zich op vele manieren zoals, bijvoorbeeld, het streven naar een grotere kennis van de taal van de andere Gemeenschappen. Dat uit zich ook door de toenadering tussen universiteiten uit Noord en Zuid, meer bepaald tussen de ULB en de VUB, en tussen de KUL en de UCL. Het wordt ook geïllustreerd door het toenemend succes van de initiatieven die uitgaan van het Prins Filipfonds, dat uitwisseling tussen Gemeenschappen aanmoedigt, in het bijzonder tussen de jongeren. Veelbetekenend is ook de tevredenheid waarvan Gewesten of Gemeenschappen blijk geven wanneer zij in een ander Gewest, successen of inspanningen met het oog op economische relance, vaststellen.

Al die feiten weerspiegelen een boodschap van goede verstandhouding en eensgezindheid die we, moedig en ondanks de moeilijkheden, verder in de hand moeten werken bij onze Gemeenschappen en Gewesten en bij alle inwoners van ons land. In ieder geval wordt separatisme door de overgrote meerderheid van onze medeburgers verworpen.

Met dat onafgebroken streven naar harmonie en vrede wensen de Koningin, ikzelf en gans onze Familie U allen een Vrolijk Kerstfeest en een heel voorspoedig nieuwe jaar.