IIde Vergadering van het Internationaal Directie Comité voor de Economische promotie van de Plattelandsvrouw

  • 14/05/1996
Zie ook:
Thema:

(Aan Koning Hussein) Dank U, Uwe Majesteit,
Uwe Majesteiten
Dames, beste vriendinnen,

Het is mij een genoegen hier in Amman te zijn voor de tweede vergadering van onze Stuurgroep. Maar voor alles wil ik Hunne Majesteiten de Koning en de Koningin van Jordanië van harte danken voor hun onthaal dat getuigt van legendarische Oosterse gastvrijheid. In naam van u allen, denk ik hen onze diepgemeende en warme gevoelens van dankbaarheid te mogen overbrengen.

Het is vier jaar en drie maanden geleden dat de meesten onder ons bijeen waren in Genève om er de grondslag te leggen voor een actie waarvan we ongetwijfeld niet wisten dat ze ons hier vandaag zou samenbrengen, maar waarvan we hoopten dat ze ertoe zou bijdragen om de hele wereld te overtuigen van de noodzaak om snel, en zelfs bij voorrang, op te treden ten gunste van de grote aantallen arme rurale vrouwen op onze aarde.

Als we het traject bekijken dat sindsdien is afgelegd, meen ik dat we ons mogen verheugen over twee erg opvallende zaken:

- enerzijds heeft de situatie van de rurale vrouw gedurende de laatste vier jaar aanzienlijk meer aandacht gekregen, vooral tijdens de Conferentie van Peking, - en anderzijds heeft onze Stuurgroep, de ISG, een onbetwistbare plaats verworven op de internationale scène.

Ondanks deze onloochenbare successen en ondanks de hoopgevende geluiden in Peking, is de situatie van de rurale vrouwen nog lang niet verbeterd zoals we dat wensen. Daarom moet onze Stuurgroep, ondanks zijn erkenning op het hoogste niveau, de interne werking nog perfectioneren en het enthousiasme dat hem drijft overal uitdragen, met name via de tussenkomst van de regionale comités.

Ik wil deze vier punten kort hernemen om op die manier een soort balans op te maken van onze werking totnogtoe en om het met u te hebben over de lijn die we, naar mijn gevoel, zouden moeten volgen in de komende jaren.

1. De situatie van rurale vrouwen heeft sinds vier jaar steeds meer aandacht gekregen

Het is moeilijk te zeggen of het de Top van Genève van 1992 is die de catalysator is geweest van de aandacht voor de situatie van rurale vrouwen sedert enkele jaren. Maar het minste wat met zekerheid kan worden gezegd is dat er sedertdien onloochenbare tekenen worden en worden waargenomen van een hernieuwde aandacht voor hun welzijn.

Ik heb, in naam van de ISG, de Vierde Wereldvrouwenconferentie bijgewoond, die in september plaatsvond in Peking, en zoals Mevrouw Mongella, Algemeen Secretaris van de Conferentie, u zal aantonen stonden rurale vrouwen centraal bij de werkzaamheden en de bepalingen van het Conferentieplatform.

Wat ook buiten kijf staat is de aandacht voor rurale vrouwen van de grote instellingen van de Verenigde Naties. Ik verwijs daarbij naar de vele acties en initiatieven van de FIDA, de FAO en het Wereldvoedselprogramma. Rekening houden met rurale vrouwen, in het bijzonder door betere informatie over alles wat hen aanbelangt, lijkt vandaag een onmisbare sleutel te zijn voor acties die moeten leiden tot een evenwichtige en duurzame ontwikkeling.

Tenslotte wil ik hier de aandacht vestigen op de aanwezigheid onder ons van vele vertegenwoordigers van de VN-instellingen, wat voor mij ten overvloede getuigt van hun interesse voor ons werk en voor de zaak die we met heel ons hart dienen. Ieder van hen wordt hiervoor bedankt.

2. De ISG heeft zich een plaats verworven op de internationale scène

Sedert de Top van Genève willen we optreden als woordvoersters van de rurale vrouwen, die zelf niet de mogelijkheden hebben om zich te uiten zoals het moet. Op de Conferentie van Peking werd de ISG, voor de eerste maal in het kader van de Verenigde Naties, erkend als een intergouvernementele organisatie, zodat we er als waarnemer konden aan deelnemen.

Bovendien is de Verklaring van Genève voor de Verenigde Naties het referentiedocument par excellence geworden als het gaat over de vooruitgang van rurale vrouwen, zoals blijkt uit de preambule van het Actieplatform van Peking.

Deze twee punten geven aan dat onze Stuurgroep vandaag, op het hoogste niveau, over de nodige elementen beschikt om zijn internationale actie te ontplooien. Maar we moeten er ook over waken ons niet te beperken tot dit intergouvernementele niveau en onze inspanningen ook te richten naar de groepen die werken op het terrein. Ik denk in het bijzonder aan de nationale en internationale federaties van rurale vrouwen, die hier vandaag tot ons genoegen onder ons zijn. Ik heet hen hartelijk welkom en bedank hen voor hun aanwezigheid.

Voor de toekomst van onze actie lijkt het me essentieel dat we tegelijk kunnen optreden op het diplomatieke vlak én op het terrein zelf: het is maar in de mate dat we deze twee niveaus kunnen koppelen dat we de rol die we in Genève op ons hebben genomen, ten volle kunnen spelen.

3. De ontwikkeling van regionale ontwikkelingscomités

De ISG is de drijvende kracht achter de speciale inspanning voor rurale vrouwen die begon in 1992, maar het spreekt vanzelf dat we, om efficiënt te zijn, moeten kunnen beschikken over een ruimer netwerk dat onze actie voortzet. Op de Top van Genève waren er 67 First Ladies die door hun aanwezigheid toonden de zaak die we nastreven, genegen te zijn. De vraag die we ons vandaag moeten stellen is of we hen voldoende informatie hebben verstrekt over onze werkzaamheden en inspanningen´ Hebben we hen voldoende systematisch deelgenoot gemaakt van de resultaten van onze actie ´

Ik wens hier mijn lof uit te spreken voor de inspanningen die enkelen onder ons zich hebben getroost om regionale ontwikkelingscomités op te richten bedoeld om de gewenste informatie te verspreiden in de landen van hun regio. Ik denk in het bijzonder aan Latijns-Amerika dat er door zijn eigen consultatiestructuur een gewoonte van heeft gemaakt om de situatie van rurale vrouwen aan te kaarten op het niveau van de First Ladies. Ook Azië heeft, onder de dynamische impuls van Maleisië, een regionale structuur op poten gezet die hen moet toelaten de actie die ondernomen wordt in de landen van dit immense continent van dichtbij te volgen en te bevorderen. Ook Afrika lijkt, net als het Midden-Oosten en Noord-Afrika, vastbesloten om de natuurlijke en technische hindernissen te overwinnen zodat ze ook hun actie kunnen coördineren binnen een regionaal comité. We mogen ons dus met reden allemaal verheugen.

Wat de specifieke situatie in Europa betreft, wil ik me tot het volgende beperken. De landen van het oude Oost-Europa zitten in een overgangsfase en zijn bekommerd om hun toekomst. Mevrouw Kovacova zal u daar straks over spreken.

Voor de Europese Unie werd een belangrijke identificatie-inspanning gedaan dank zij de steun van de Europese Commissie en de Koning Boudewijsnstichting: het gaat om de inventaris van bestaande verenigingen, in hoofdzaak niet-gouvernementele organisaties, die zich inzetten voor de bevordering van de levensomstandigheden van rurale vrouwen in de hele wereld. Dit repertorium verschijnt in augustus en zal naar ik hoop bijdragen tot meer samenwerking tussen de rurale vrouwen van arme regio#s en de Europese organisaties die hen willen helpen.

4. Onze statuten en de werking van onze Stuurgroep

Tenslotte wil ik het hebben over mijn laatste punt, de werking en de toekomst van onze Stuurgroep, waarover we in Peking al de gelegenheid hebben gehad te overleggen. Zoals ik u overigens al heb geschreven bij mijn terugkeer uit China en naar aanleiding van de werkzaamheden van onze vertegenwoordigsters tijdens hun bijeenkomst in november laatstleden, geloof ik dat het essentieel is dat onze Stuurgroep voortaan beter gestructureerd wordt door de goedkeuring van rigoureuze statuten.

Om de vastberadenheid en de bezieling van de oprichtsters van onze Stuurgroep te behouden, lijkt het me noodzakelijk een opvolgings- en vervangingsregeling uit te werken voor de leden die zich persoonlijk wensen te engageren en in te spannen voor onze zaak. Dit element lijkt me een conditio sine qua non voor de toekomst van onze Stuurgroep.

Voor een ander fundamenteel element lijkt er al een oplossing in de maak te zijn. Het gaat om het voorzitterschap van onze Stuurgroep. Dankzij de gastvrijheid en de inzet van Koningin Noor dit jaar, evenals de edelmoedige voorstellen, met consequenties naar de toekomst toe, van velen onder ons, kunnen we voortaan werken met een systeem van roterend voorzitterschap voor de duur van twee jaar, wat telkens samenvalt met onze tweejaarlijkse vergadering in een ander werelddeel.

Via dit systeem van roterend voorzitterschap zouden we overigens ook de financiering van onze Stuurgroep kunnen oplossen, wat belangrijk is aangeven het betalen van een jaarlijkse bijdrage altijd al een delicaat probleem is geweest voor sommigen onder ons.

Ik geloof in elk geval dat het belangrijk is dat we door de goedkeuring van de statuten aangeven dat we ons vertrouwen in de toekomst van onze gemeenschappelijke actie willen bevestigen en dat we de inspanning die we vier jaar geleden zijn begonnen, vastberaden willen voortzetten.

Sire, Mevrouw, beste vriendinnen, laten we van onze vergadering een teken van hoop maken voor de vrouwen die ons hun vertrouwen hebben geschonken en laten we kiezen, door onze solidariteit, voor het aanpakken van een van de meest dringende en meest fundamentele problemen voor de toekomst van onze wereld.

Ik dank u.